Passage
Naar een plan van de J.C. van Wijk werd in 1881 in Bad Zandvoort de Passage gebouwd, gesitueerd in het verlengde van de huidige Van Lennepweg. De architect die vooral bekendheid verwierf als één van de ontwerpers van de Passage in Den Haag, ontwierp een indrukwekkend bouwwerk dat een intermediair vormde tussen het lager gelegen station en het Kurhaus. Een monumentale trap, die aan weerszijden door gebeeldhouwde leeuwen werd geflankeerd, leidde de bezoeker naar de entree. De ingang die door gekoppelde zuilen en geblokte pilasters en twee lagere vleugels werd geflankeerd, bezat een hoge rondboog waarin het wapen van Zandvoort was aangebracht. Achter de entree lag de meterslange Passageruimte. De binnenruimte was twee verdiepingen hoog en bezat een ijzeren kapconstructie met rondboogspanten. Het geheel werd door een glazen zadeldak overdekt. Er verschenen restaurantjes, cafés en lunchrooms. Ruim twintig winkels, waaronder chocolade-, sigaren- en wijnwinkels probeerden met hun geëmailleerde uithangborden de aandacht van het passerende publiek te trekken.
In de winter fungeerde de Passage als stalling voor de badkoetsen. Nadat in 1907 het eindstation van de spoorlijn naar de noordzijde van het dorp was verplaatst, verloor de Passage haar commerciële betekenis. De winkels verdwenen langzaam maar zeker. Arme gezinnen die elders geen woning konden vinden, betrokken de leegstaande ruimten.
In de nacht van 3 op 4 maart 1925 verwoestte een felle brand het bijzondere gebouw.
Bron: Mariëtte Polman, Ik ben vanmorgen in Zee geweest. Zandvoort aan zee van vissersdorp tot badplaats, De Vrieseborch Haarlem, 1996, p.56-58.

