Sinds mensenheugenis was het Visserspad een duinpad waarover de Zandvoortse vislopers met hun vis naar Bloemendaal/Overveen en Haarlem trokken om daar hun vis uit te venten. In 1987 werd het pad bestraat, waarmee dit natuurgebied een aantrekkelijk fiets- en wandelpad kreeg. Op vrijdag 8 mei 1987 heeft de toenmalige commissaris van de Koningin in de provincie Noord-Holland, drs. Roel de Wit, het fietspad officieel geopend. Hij deed dit door per fiets voorop te gaan in een feestelijke ‘ontdekkingstocht’ met genodigden. De volgende dag was het pad voor het publiek geopend en verkenden ruim 400 personen dit prachtig aangelegde fietspad.
Het oude zandpad door de duinen vindt men in het Caert-Boeck van 1599 als Die Zandvoorder Wech aangeduid, een alleszins voor de hand liggende naam, omdat het pad een verbinding was tussen het dorp Zandvoort en Overveen. Het pad, dat in Zandvoort begon op de hoek Haltestraat/Pakveldstraat, eindigt in Overveen bij Kraantje Lek op de tegenwoordige Duinlustweg. Sinds de aanleg van de spoorlijn Haarlem-Zandvoort in 1881 ligt het ten zuiden hiervan. De oude naam, Die Zandvoorder Wech, maakte in de loop der tijden plaats voor die van Vispad of Visserspad. Dit kwam doordat voornamelijk Zandvoortse vislopers vroeger van het pad gebruikmaakten als zij naar Haarlem en omgeving gingen om daar hun vis te verkopen. Zij noemden het ook wel Steepad, dat wil zeggen ‘pad naar de stad’.
Het waren voor de vislopers moeizame tochten om van Zandvoort met de visben (bot) op de rug door het mulle zand van de duinen naar de stad te lopen. Tochten, die zij door het duin barrevoets volbrachten. Want zodra zij Zandvoort uit waren en in het duin kwamen, ging bij het begin van het Visserspad, waar de zogenaamde Kousenpaal stond, kousen en schoeisel uit. Maar ‘even vóór het deftige Overveen werden de zwarte kousen en zwarte schoenen weer aangetrokken’, zoals ons in het boekje Oud-Zandvoort (blz. 94) wordt verteld.


